Categorieën
Seizoen 9 Sportvoeding Tips marathon

186. Vooraf extra vocht innemen voor een race: is hyperhydratie zinvol of onzin?

Home » Afleveringen

Dit is een 186e aflevering van de Slimmer Presteren Podcast, over sport, onderzoek en innovatie. In deze aflevering hebben Gerrit en Jurgen het over:

Vooraf extra vocht innemen voor een race: is hyperhydratie zinvol of onzin?

Wordt het warm en vochtig tijdens je race, dan ga je geheid vocht verliezen. Maar het lukt niet altijd om het tekort tijdens de inspanning aan te vullen. Is het dan slim om van te voren extra vocht te drinken? En wat stop je dan in deze ‘pre-race vuldrank’?

In aflevering 186 van de Slimmer Presteren Podcast bespreken we een cruciaal onderwerp voor sporters die hun prestaties willen verbeteren: hyperhydratie. Samen met sportarts en topcoach Guido Vroemen onderzoeken we of het zinvol is om voorafgaand aan een race extra vocht in te nemen en hoe je dit het beste kunt aanpakken.

Waarom is hydratatie belangrijk tijdens het sporten?

Tijdens intensieve inspanningen, vooral bij warm weer, verliest je lichaam veel vocht. Dit vochtverlies kan je prestaties beïnvloeden en zelfs gezondheidsrisico’s met zich meebrengen als je niet voldoende hydrateert. Het is essentieel om je vochtbalans op peil te houden om optimaal te presteren en blessures te voorkomen.

Feiten en fabels over drinken tijdens een wedstrijd

Een veelvoorkomende misvatting is dat thee vocht zou onttrekken. Dit is een fabel. Daarnaast is het belangrijk om kritisch te kijken naar adviezen over drinken tijdens het sporten, omdat veel van deze aanbevelingen worden beïnvloed door de sportdrankindustrie. Zorg ervoor dat je je baseert op wetenschappelijk onderbouwde informatie.

Vochtverlies en sportprestaties: Wat je moet weten

Vochtverlies van meer dan 2% van je lichaamsgewicht kan je prestaties aanzienlijk verminderen. Dit komt doordat een lagere vochtbalans leidt tot een hogere hartslag en minder efficiënte bloedcirculatie. Hierdoor krijgt je lichaam minder zuurstof en voedingsstoffen, wat je uithoudingsvermogen en kracht vermindert.

Wat is hyperhydratie en hoe werkt het?

Hyperhydratie houdt in dat je voorafgaand aan een race extra vocht inneemt om je lichaam alvast van een vochtreserve te voorzien. Een populaire methode is het gebruik van glycerol, een stof die water kan binden zonder dat je het meteen weer uitscheidt. Interessant genoeg was glycerol een tijdlang verboden in de sport omdat het werd gezien als een manier om bloeddoping te maskeren, wat aantoont dat het effectief is in het verhogen van het plasmavolume.

Wetenschappelijke bevindingen over hyperhydratie

Uit verschillende studies blijkt dat hyperhydratie met glycerol kan helpen om het plasmavolume te verhogen, waardoor je kerntemperatuur minder snel stijgt en je hartslag lager blijft. Dit kan je prestaties verbeteren, vooral bij lange en intensieve inspanningen in warme omstandigheden. Echter, de resultaten zijn gemengd; ongeveer de helft van de studies toont positieve effecten, terwijl de andere helft geen significant verschil vindt.

Tips voor amateursporters over hyperhydratie

Voor amateursporters kan hyperhydratie een effectieve strategie zijn, maar het is belangrijk om dit eerst tijdens trainingen te testen. Let op mogelijke bijwerkingen zoals maag- en darmklachten. Experimenteer met verschillende hoeveelheden en timing om te ontdekken wat het beste voor jou werkt.

Vragen die in deze aflevering worden beantwoord zijn:

1. Wat is hyperhydratie?
Hyperhydratie is het proces waarbij je voorafgaand aan een wedstrijd extra vocht inneemt om je lichaam een vochtreserve te geven, meestal met behulp van stoffen zoals glycerol die water kunnen binden zonder dat je het meteen weer uitplast.

    2. Waarom is het belangrijk om voldoende te drinken tijdens een race?
    Voldoende drinken is cruciaal om je vochtbalans op peil te houden, wat je hartslag en bloedcirculatie efficiënter maakt en helpt om je lichaamstemperatuur te reguleren. Dit voorkomt prestatieverlies en gezondheidsrisico’s.

    3. Werkt hyperhydratie echt?
    Uit onderzoek blijkt dat hyperhydratie met glycerol in ongeveer de helft van de studies positieve effecten heeft op het plasmavolume, kerntemperatuur en hartslag. Het kan dus nuttig zijn, maar resultaten variëren en het werkt niet voor iedereen.

    4. Wat zijn de mogelijke nadelen van hyperhydratie?
    De nadelen kunnen maag- en darmklachten zijn door de grote hoeveelheden vloeistof en glycerol die je moet innemen. Het is belangrijk om dit eerst in je training te testen om te zien hoe jouw lichaam erop reageert.

    Video over vooraf extra vocht innemen voor een race: is hyperhydratie zinvol of onzin?

    https://www.youtube.com/watch?v=rhU2ynrVdw8

    Categorieën
    Innovaties Interview met gast Seizoen 9

    185. Slimmer presteren in Parijs: over turnen met Maurice Aarts

    Home » Afleveringen

    Dit is een 185e aflevering van de Slimmer Presteren Podcast, over sport, onderzoek en innovatie. In deze aflevering hebben Gerrit en Jurgen het over:

    Slimmer presteren in Parijs: over turnen met Maurice Aarts

    INLEIDING:

    In deze aflevering van de Slimmer Presteren Podcast duiken we in de wereld van turnen, met als speciale gast Maurice Aarts, hoofd van het InnoSportLab Turnen in Den Bosch. We bespreken hoe wetenschap en innovatie een cruciale rol spelen in de voorbereidingen van het Nederlandse team voor de Olympische Spelen in Parijs.

    Explosieve kracht en wetenschappelijke benadering

    Maurice Aarts vertelt ons dat turnen een unieke sport is waarbij atleten explosieve kracht en uiterste precisie moeten combineren. Hoewel het lijkt alsof turners nooit zweten vanwege de korte en krachtige routines, vergt turnen een enorme fysieke en mentale toewijding. De innovatieve technieken en wetenschappelijke benaderingen die worden toegepast in het InnoSportLab zijn essentieel voor de topturners om hun prestaties te verbeteren en blessures te voorkomen.

    De rol van het InnoSportLab

    Een van de kernpunten in het gesprek is het belang van het InnoSportLab, dat nauw samenwerkt met de turners. Maurice legt uit dat het lab letterlijk naast de turnhal ligt, wat snelle en efficiënte samenwerking mogelijk maakt. Het lab richt zich niet alleen op topsport, maar ook op bredere sportinnovaties zoals data science en accommodaties.

    Maurice Aarts: Van bewegingswetenschapper tot innovator in turnen

    Maurice vertelt hoe hij, ondanks dat hij van oorsprong geen turner is, in deze wereld terecht is gekomen door zijn werk als bewegingswetenschapper. Hij benadrukt dat turnen een zeer technische sport is die zich perfect leent voor bewegingsanalyse. Deze analyses helpen turners om hun technieken te verfijnen en hun prestaties te optimaliseren.

    Technologische innovaties in het turnen

    We bespreken ook de nieuwste technologische ontwikkelingen in het turnen, zoals de integratie van sensoren en geavanceerde videoanalyse in de turnhal. Deze technologieën maken het mogelijk om de kleinste details van een beweging te analyseren en bij te dragen aan een objectieve jurering.

    Maurice licht toe hoe de samenwerking met bedrijven als Fujitsu heeft geleid tot innovatieve oplossingen zoals robotjurering, die in de toekomst mogelijk een rol zal spelen bij de Olympische Spelen.

    Uitdagingen en ontwikkelingen in de turnsport

    De aflevering biedt ook inzicht in de uitdagingen van het turnen, zoals de extreme krachten die op het lichaam van de turners werken. We bespreken hoe nieuwe materialen en technieken, zoals de ontwikkeling van een nieuwe vloer met veren, hebben bijgedragen aan het verbeteren van de prestaties en veiligheid van de turners. Deze innovaties stellen turners in staat om steeds complexere en indrukwekkendere elementen uit te voeren.

    De toekomst van turnen: Beter, gezonder en plezieriger

    Tot slot gaat het gesprek over de toekomst van het turnen en hoe technologie en wetenschap zullen blijven bijdragen aan de ontwikkeling van de sport. Maurice benadrukt dat het doel is om turnen beter, gezonder en plezieriger te maken voor iedereen, van topsporters tot amateurs.

    Vragen die in deze aflevering worden beantwoord zijn:

    1. Wat is het InnoSportLab Turnen?
    Het InnoSportLab Turnen in Den Bosch is een onderzoeks- en innovatiecentrum dat nauw samenwerkt met topturners. Het richt zich op het verbeteren van prestaties en het voorkomen van blessures door middel van bewegingsanalyse en de integratie van nieuwe technologieën.

    2. Hoe helpt technologie bij het verbeteren van turnprestaties?
    Technologie zoals sensoren en geavanceerde videoanalyse helpt bij het nauwkeurig analyseren van bewegingen, waardoor turners hun techniek kunnen verfijnen en optimaliseren. Dit draagt bij aan objectieve jurering en prestatieverbetering.

    3. Wat zijn slimme ringen en hoe worden ze gebruikt?
    Slimme ringen zijn uitgerust met sensoren die helpen bij het objectief meten van houdings- en krachtoefeningen tijdens turnen. Ze zorgen voor transparante en eerlijke beoordelingen door exacte tijden van houdingselementen vast te leggen.

    4. Hoe heeft Maurice Aarts zijn weg gevonden naar het turnen?
    Maurice Aarts, oorspronkelijk een bewegingswetenschapper en basketballer, kwam in aanraking met turnen door zijn werk aan bewegingsanalyse op de Fontys Hogeschool. Via projecten met het InnoSportLab werd hij uiteindelijk hoofd van het lab en heeft hij sindsdien bijgedragen aan verschillende innovaties binnen de turnsport.

    Stellingen waarop we Maurice laten reageren

    1. De Cassina, Kovacs en Kolman zijn dagelijkse kost voor mij. Het turnen staat bol met oefeningen en technieken die al dan niet naar (voormalige) turn(st)ers vernoemd zijn. Wat is de achtergrond van Maurice Aarts eigenlijk? Hoe lang werkt hij al bij het Innosportlab, hoe is hij daar terecht gekomen? Wat zijn zijn werkzaamheden daar?

    2. Ik denk dat op de Olympische Spelen in Parijs de Biles III te zien zal zijn. Simone Biles liet in 2023 opnieuw een sprong zien die nog nooit gedaan was, vandaar dat deze naar haar genoemd is. Stelling moet inleiding vormen naar alle turnonderdelen die er in Parijs te zien zijn, individueel en als team. En de vraag: waar liggen de fysieke grenzen in het turnen. Hoe komt het dat oefeningen steeds moeilijker en uitdagender lijken te worden?

    3. Dankzij de ‘Team Composition Calculation Tool’ staat in Parijs het best presterende Nederlandse team op de mat.
    Bij de teamcompetitie worden punten van indiviuele sporters uit een land opgeteld. Ga je voor de allroundturner of de specialist hierbij? Aarts en zijn collega’s hebben hiervoor een calculator ontwikkeld die uitgaande van de behaalde resultaten in vorige wedstrijden de optimale teamsamenstelling berekent.

    4. Meten is weten, en daarom plak ik het liefst én de turner én alle turnmaterialen vol met sensoren. Het Innosportlab maakt gebruik van allerhande sensoren (plus video en motion tracking) om krachten, hoeken, snelheden en draaiingen te meten, o.a. met een Xsens 3D pak. Ook gebruiken ze sensoren in bv. de ringen of op de balk. Wat kunnen ze hier precies mee? Hoe monitoren ze de trainingsbelasting van de turners? Hoe helpt dit hen om blessures te voorkomen?

    Ik vertrouw meer op een robot dan op een jurylid bij de beoordeling van een turnoefening. Turnen is nog altijd een jurysport, ondanks dat er al jaren pogingen gedaan worden om over te gaan op een automatische jurering m.b.v. AI. Volgens mij is Aarts hier ook betrokken bij. Hoewerkt het eigenlijk met het vaststellen van de moeilijkheidsgraad van een oefening en de puntenaftrek die je krijgt bij een verkeerde uitvoering?

    Video over Slimmer presteren in Parijs: over turnen met Maurice Aarts

    https://www.youtube.com/watch?v=e4QRFrXJYCo

    Categorieën
    Seizoen 9 Training en herstel

    184. Trainen voor een triatlon: hoe combineer je meerdere sporten?

    Home » Afleveringen

    Dit is een 184e aflevering van de Slimmer Presteren Podcast, over sport, onderzoek en innovatie. In deze aflevering hebben Gerrit en Jurgen het over:

    Trainen voor een triatlon: hoe combineer je meerdere sporten?

    INLEIDING:

    In deze aflevering van de Slimmer Presteren Podcast bespreken we hoe je effectief kunt trainen voor een triathlon. Het combineren van zwemmen, fietsen en hardlopen maakt de trainingsaanpak uitdagend. We bieden je praktische tips om deze drie sporten optimaal te combineren, zelfs als je een druk schema hebt.

    Realistische doelen en trainingsplanning

    Guido Vroemen, onze expert, benadrukt het belang van realistische doelen en een goede planning voor je triathlontraining. Hoeveel tijd kun je besteden aan trainen? Voor een halve Ironman is 10 tot 15 uur per week ideaal. Guido legt uit dat je niet elke dag hoeft te trainen; rustdagen zijn cruciaal om blessures te voorkomen en goed te kunnen herstellen.

    Trainingsfrequentie en combinatietrainingen (Brick trainingen)

    Een effectieve triathlontraining betekent dat je minimaal elke sport één keer per week beoefent. Idealiter train je zwemmen, fietsen en hardlopen elk twee keer per week. Voeg minstens één keer per week een combinatie van fietsen en hardlopen (brick training) toe om je lichaam te laten wennen aan de overgangen tussen de verschillende disciplines.

    Focussen op fietstraining voor maximale winst

    Veel triatleten kunnen winst behalen door hun fietstraining te verbeteren. Het gaat niet alleen om kilometers maken, maar vooral om snelheid. Guido raadt intervaltrainingen aan, zoals meerdere keren een viaduct op en af fietsen. Dit zorgt voor kracht en snelheid, wat essentieel is voor een succesvolle triathlon.

    Veelgestelde vragen van luisteraars

    We beantwoorden ook vragen van luisteraars over triathlontraining. Liesbeth vraagt hoe ze naast haar drukke baan effectief kan trainen voor een triathlon. Guido adviseert om te focussen op je zwakste punt, maar ook om je sterke punten te blijven ontwikkelen voor tijdwinst. Petra wil weten of laag intensieve trainingen in de ene sport ook gelden voor de andere sporten. Guido legt uit dat dit deels kan, maar benadrukt het belang van specifieke trainingsprikkels voor elke sport.

    Intensiteit van de trainingen: gepolariseerd trainen

    De intensiteit van je trainingen is cruciaal. Guido en Jurgen bespreken het nut van polariserend trainen (80% laag intensief, 20% hoog intensief). Dit kan effectief zijn, maar de toepassing verschilt per sport en individu. Vooral bij zwemmen speelt techniek een grote rol in de efficiëntie van je training.

    Periodisering: Balans tussen intensiteit en herstel

    Guido benadrukt het belang van periodisering in je trainingsschema. Door je trainingen op te delen in blokken van hogere en lagere intensiteit, kun je piekmomenten beter voorbereiden en overtraining voorkomen. Dit helpt je om consistent en met een goede balans tussen intensiteit en herstel te trainen.

    Conclusie: Succesvol trainen voor een triathlon

    Met deze praktische tips en inzichten kun je je triathlontraining effectiever en plezieriger maken. Consistentie, rust en een goede balans tussen intensiteit en volume zijn de sleutel tot succes.

    Begin vandaag nog met het optimaliseren van je trainingsschema voor een betere triathlonprestatie.

    Vragen die in deze aflevering worden beantwoord zijn:

    1. Hoe combineer je zwemmen, fietsen en hardlopen in je trainingsschema?

    Minimaal elke sport één keer per week trainen, idealiter twee keer per week per sport, met een focus op combinatietrainingen (brick trainingen).

    2. Moet ik focussen op mijn zwakste of sterkste onderdeel?
    Beide: begin met je zwakste punt voor basisvaardigheden en tijdwinst, maar investeer ook in je sterkste onderdeel om daar significante tijdswinst te behalen.

    3. Gelden laag intensieve trainingen in de ene sport ook voor de andere sporten?

    Ja, maar specifieke bewegingen en prikkels zijn belangrijk. Laag intensief fietsen kan bijvoorbeeld helpen voor aerobe capaciteit, maar voor loop- en zwemtechniek is specifieke training noodzakelijk.

    4. Hoe voorkom ik overtraining?

    Door een goede balans tussen intensiteit en rust, en periodisering van je trainingsschema. Monitor je vermoeidheid en pas je schema aan op basis van hoe je je voelt.

    Video over trainen voor een triatlon: hoe combineer je meerdere sporten?

    https://www.youtube.com/watch?v=y8qBXf7Jk4g

    Categorieën
    Hardlopen Seizoen 9 Sport psychologie

    183. Hardlopen op karakter: nieuwe inzichten in een goede loopstijl

    Home » Afleveringen

    Dit is een 183e aflevering van de Slimmer Presteren Podcast, over sport, onderzoek en innovatie. In deze aflevering hebben Gerrit en Jurgen het over:

    Hardlopen op karakter: nieuwe inzichten in een goede loopstijl

    INLEIDING:

    Tijdens een marathon heb je alle tijd om naar je medelopers te kijken. Ze lopen bijna allemaal even hard maar hun stijl verschilt enorm. Zo lijkt de een opvallend op en neer te huppelen maar een ander juist zowat aan de grond te kleven. Hoe komt dit nou eigenlijk? En zegt de manier van lopen misschien ook iets over jouw persoonlijkheid?

    In deze aflevering duiken we in het fascinerende onderwerp van hardloopstijl en de mogelijke link met persoonlijkheidskenmerken. Gerrit Heijkoop en Jurgen van Teeffelen bespreken nieuwe inzichten en onderzoeken over hoe je manier van lopen iets kan zeggen over wie je bent.

    Tijdens een marathon zie je vaak dat elke loper zijn eigen unieke stijl heeft, hoewel ze allemaal ongeveer even snel gaan. Maar hoe komt het dat de ene loper lijkt te huppelen terwijl de ander dicht bij de grond blijft? Deze verschillen in loopstijl kunnen meer vertellen over je persoonlijkheid dan je zou denken.

    Onderzoek en analyse van loopstijl

    Jurgen deelt dat recent onderzoek door Bas van Hooren aantoont dat er mogelijk een verband is tussen de manier waarop iemand loopt en bepaalde persoonlijkheidskenmerken. Van Hooren’s studies wijzen erop dat marathonlopers vaak bepaalde psychologische profielen hebben. Ze scoren bijvoorbeeld laag op spanning, depressie en vermoeidheid, maar hoog op kracht en doorzettingsvermogen. Dit profiel kan mogelijk gekoppeld worden aan hun loopstijl.

    We bespreken ook de verschillende methoden om loopstijl te analyseren. Dit omvat biomechanische analyses waarbij lopers worden geobserveerd op een loopband met allerlei sensoren die hun bewegingen vastleggen. Parameters zoals kniehoek, grondcontacttijd en verticale verplaatsing worden gemeten om te bepalen hoe efficiënt iemand loopt.

    Praktische inzichten en persoonlijke ervaringen

    Een belangrijke conclusie uit eerder onderzoek is dat het lichaam van nature zoekt naar de meest efficiënte manier van bewegen. Dit betekent dat het forceren van een bepaalde loopstijl vaak averechts werkt. Variatie in training kan echter nuttig zijn om het lichaam te helpen verschillende bewegingspatronen te verkennen.

    Jurgen en Gerrit bespreken ook hun eigen persoonlijkheidstesten en hoe deze mogelijk hun loopstijl beïnvloeden. Uit hun tests blijkt dat Gerrit de “Debater” en Jurgen de “Architect” is, wat interessante gesprekken oplevert over hun verschillende benaderingen en loopstijlen.

    Conclusie: Iedereen heeft een unieke loopstijl

    Het belangrijkste inzicht uit deze aflevering is dat er geen eenduidige “beste” loopstijl is. Zowel plakkers (lopers die lager bij de grond blijven) als stuiterballen (lopers die meer op en neer bewegen) kunnen even efficiënt zijn. Het gaat erom wat het beste werkt voor jouw lichaam en persoonlijkheid.

    We sluiten af met de gedachte dat hoewel er een interessante link lijkt te zijn tussen persoonlijkheid en loopstijl, de wetenschap hier nog in de kinderschoenen staat. De individuele verschillen zijn groot en het blijft belangrijk om naar je eigen lichaam te luisteren en te doen wat voor jou het beste werkt.

    Vragen die in deze aflevering worden beantwoord zijn:

    1. Hoe kan mijn loopstijl iets zeggen over mijn persoonlijkheid?
    Onderzoek suggereert dat bepaalde persoonlijkheidskenmerken gekoppeld kunnen zijn aan je manier van lopen. Bijvoorbeeld, mensen die lager bij de grond blijven tijdens het lopen (plakkers) kunnen down-to-earth en feitelijk zijn, terwijl stuiterballen (mensen met een hogere verticale verplaatsing) creatiever en intuïtiever kunnen zijn.

    2. Wat is de meest efficiënte loopstijl?
    Er is geen eenduidige “beste” loopstijl. Het lichaam zoekt van nature naar de meest efficiënte manier van bewegen. Forceren van een specifieke stijl werkt vaak averechts. Het is beter om te variëren in je training en je lichaam verschillende bewegingen te laten verkennen.

    3. Kun je energiezuinig lopen zien?
    Het meten van loopstijl en energieverbruik is complex en omvat veel parameters zoals grondcontacttijd, kniehoek en verticale verplaatsing. Hoewel experts bepaalde aspecten kunnen analyseren, is het lastig om op het oog te zien hoe energiezuinig iemand loopt.

    4. Hoe betrouwbaar zijn persoonlijkheidstesten zoals de Myers-Briggs Type Indicator (MBTI)?
    De MBTI is een populaire maar ook bekritiseerde test. Het is belangrijk om resultaten met een korrel zout te nemen, omdat ze niet altijd reproduceerbaar zijn en mensen niet altijd in duidelijke categorieën te verdelen zijn.

    Video over hardlopen op karakter: nieuwe inzichten in een goede loopstijl

    https://www.youtube.com/watch?v=0qRR5znP2k0

    Categorieën
    Seizoen 9 Sportvoeding

    182. Slimmer presteren met extra ijzer: zinvol of onzin?

    Home » Afleveringen

    Dit is een 182e aflevering van de Slimmer Presteren Podcast, over sport, onderzoek en innovatie. In deze aflevering hebben Gerrit en Jurgen het over:

    Slimmer presteren met extra ijzer: zinvol of onzin?

    INLEIDING:

    Tijdens een langdurige inspanning zijn je spieren afhankelijk van de aanvoer van zuurstof. En om zuurstof in het bloed te transporteren is ijzer nodig. Hoe zorgt het lichaam ervoor dat de ijzervoorraad op peil blijft? Hebben sommige sporters baat bij ijzersuppletie, en wanneer dan precies? En kan het eigenlijk kwaad om sowieso extra ijzer in te nemen?

    In deze aflevering duiken we diep in het belang van ijzer voor sporters. We beginnen met het essentiële feit dat ijzer cruciaal is voor het transport van zuurstof in het bloed, wat vooral belangrijk is tijdens lange duurinspanningen. Vervolgens behandelen we de vraag of sporters baat hebben bij ijzersuppletie en onder welke omstandigheden dit nuttig kan zijn.

    We verkennen specifieke scenario’s zoals de verschillen in ijzerbehoefte tussen mannen en vrouwen en de impact van menstruatie op ijzerniveaus bij vrouwelijke sporters. Ook bespreken we hoe verschillende sporten, zoals hardlopen en marathon, de ijzervoorraad kunnen beïnvloeden door de mechanische impact op de rode bloedcellen en door verhoogde oxidatieve stress.

    Verder geven we praktische adviezen over hoe je ijzertekort kunt voorkomen en behandelen, met aandacht voor zowel voedingsbronnen van ijzer als de effectiviteit van supplementen. We richten ons daarbij specifiek op de absorptie van ijzer en de invloed van andere voedingsmiddelen en lichaamsbeweging op deze absorptie.

    Kortom, deze aflevering biedt je alle informatie die je nodig hebt om te begrijpen hoe ijzer jouw sportprestaties kan beïnvloeden en hoe je jouw ijzervoorraad optimaal kunt beheren.

    Vragen die in deze aflevering worden beantwoord zijn:

    1. Hebben duursporters baat bij ijzersuppletie?
    Duursporters kunnen baat hebben bij ijzersuppletie, vooral als ze een bewezen tekort hebben. IJzer is essentieel voor het transport van zuurstof en een tekort kan leiden tot vermoeidheid en verminderde prestaties.

    2. Hoe beïnvloedt menstruatie de ijzerbehoefte bij vrouwen?
    Vrouwen kunnen tijdens de menstruatie aanzienlijk ijzer verliezen, wat hun behoefte aan dit mineraal verhoogt. Regelmatige monitoring van ijzerniveaus wordt aanbevolen, vooral voor vrouwelijke duursporters.

    3. Kan de manier van sporten invloed hebben op de ijzerbehoefte?
    Ja, de impact van hardlopen kan leiden tot de vernietiging van rode bloedcellen en daarmee tot een verhoogde ijzerbehoefte. Sporten met minder impact, zoals fietsen, hebben mogelijk minder invloed op de ijzervoorraad.

    4. Welke voedingsmiddelen zijn het best voor ijzeropname?
    Vlees en vis bevatten heme-ijzer, dat beter opneembaar is. Plantaardige bronnen zoals spinazie en peulvruchten bevatten non-heme ijzer, dat minder efficiënt wordt opgenomen, tenzij gecombineerd met vitamine C-rijk voedsel.

    Video over slimmer presteren met extra ijzer: zinvol of onzin?

    https://www.youtube.com/watch?v=IpNki-TpMXE

    Categorieën
    Seizoen 9 Sportvoeding

    181. Slimmer presteren met een goed gebit: zinvol of onzin?

    Home » Afleveringen

    Dit is een 181e aflevering van de Slimmer Presteren Podcast, over sport, onderzoek en innovatie. In deze aflevering hebben Gerrit en Jurgen het over:

    Slimmer presteren met een goed gebit: zinvol of onzin?

    INLEIDING:

    Een gaatje, tandpijn of ontstoken tandvlees. We hebben er allemaal wel eens mee te maken. Je tanden zijn je soms tot last maar kunnen ze ook je sportprestatie benadelen? En is sporten eigenlijk wel goed voor je mondgezondheid?

    In deze aflevering van de Slimmer Presteren Podcast duiken we in de invloed van mondgezondheid op sportprestaties. We bespreken de wetenschappelijke bevindingen en praktische ervaringen over hoe een gezond gebit bijdraagt aan beter presteren in de sport.

    Een slecht gebit kan leiden tot onder meer energieverlies en minder efficiënt herstel, wat cruciaal is voor zowel amateurs als professionals.

    We behandelen vragen zoals de impact van tanderosie door sportdranken, het nut van regelmatige tandartsbezoeken voor sporters, en de algehele invloed van mondgezondheid op lichamelijke gezondheid.

    Met inzichten van deskundigen en concrete tips hopen we jou als luisteraar handvatten te geven om zowel je sportprestaties als je mondgezondheid te verbeteren.

    Vragen die in deze aflevering worden beantwoord zijn:

    1. Heeft een gezond gebit invloed op sportprestaties?
    Ja, er is een link tussen mondgezondheid en algemene gezondheid, inclusief sportprestaties. Tandproblemen kunnen leiden tot ontstekingen die ook andere delen van het lichaam beïnvloeden.

    2. Kunnen sporters beter hun verstandskiezen preventief laten verwijderen?
    Er is geen wetenschappelijk bewijs dat het preventief verwijderen van verstandskiezen blessures vermindert, hoewel sommige sporters dit wel doen in de hoop het risico op blessures te verlagen.

    3. Is het gebruik van sportdranken schadelijk voor mijn tanden?
    Ja, veel sportdranken bevatten zuren en suikers die tanderosie kunnen veroorzaken. Het is belangrijk om water te drinken na het consumeren van deze dranken om de mond te neutraliseren.

    4. Wat kan ik doen om mijn mondgezondheid als sporter te bevorderen?
    Naast regelmatig poetsen en flossen, is het verstandig om regelmatig je tandarts te bezoeken en na het gebruik van sportdranken je mond met water te spoelen.

    Video over slimmer presteren met een goed gebit: zinvol of onzin?

    https://www.youtube.com/watch?v=G061UkW0HdA

    Categorieën
    Innovaties Interview met gast Seizoen 9

    180. Slimmer presteren in Parijs: over zwemmen met Roald van der Vliet en Sander Schreven

    Home » Afleveringen

    Dit is een 180e aflevering van de Slimmer Presteren Podcast, over sport, onderzoek en innovatie. In deze aflevering hebben Gerrit en Jurgen het over:

    Slimmer presteren in Parijs: over zwemmen met Roald van der Vliet en Sander Schreven

    INLEIDING:

    In deze podcast aflevering duiken we diep in de zwemwereld, met speciale aandacht voor innovaties die zowel de topzwemmer als de amateur kunnen helpen. We spreken met Roald van der Vliet en Sander Schreven van het InnoSportLab De Tongelreep, waar zij grensverleggend werk verrichten op het gebied van zwemtechnieken en trainingsmethodes.

    We bespreken hoe de technologische vooruitgang, zoals onderwatercamera’s en biomechanische data-analyse, trainers en zwemmers helpt om prestaties te verbeteren. Deze tools stellen hen in staat om zwemtechnieken te optimaliseren door nauwkeurige metingen en real-time feedback. Hierdoor kunnen zwemmers hun techniek efficiënter en effectiever aanpassen, wat essentieel is zowel op de Olympische Spelen als in de lokale zwembaden.

    Verder behandelen we de rol van wetenschap en technologie bij de voorbereiding op de Olympische Spelen in Parijs. We verkennen hoe deze inzichten niet alleen relevant zijn voor de elite, maar ook praktische toepassingen hebben voor recreatieve sporters. Het gesprek geeft inzicht in hoe amateurzwemmers vergelijkbare technieken en kennis kunnen gebruiken om hun eigen prestaties te verbeteren.

    Door deze aflevering krijg je als luisteraar een uniek kijkje in de keuken van topzwemmen en de wetenschappelijke benaderingen achter de sport. Dit zal je niet alleen helpen om de sport beter te begrijpen, maar biedt ook praktische tips om zelf toe te passen in je training.

    Vragen die in deze aflevering worden beantwoord zijn:

    1. Wat is het voordeel van onderwatercamera’s in de zwemtraining?
    Onderwatercamera’s bieden nauwkeurige visualisaties van de zwemtechniek, wat essentieel is om effectief verbeteringen door te voeren.

    2. Hoe kunnen amateurzwemmers profiteren van de technologieën gebruikt door topsporters?
    Amateurs kunnen technologieën zoals biomechanische data-analyse gebruiken om hun techniek te verfijnen, wat resulteert in efficiënter en sneller zwemmen.

    3. Welke rol speelt data-analyse in het verbeteren van zwemprestaties?
    Data-analyse helpt bij het objectief beoordelen en aanpassen van zwemtechnieken, wat leidt tot optimalisatie van prestaties.

    4. Wat kunnen we leren van de aanpak van zwemmers richting de Olympische Spelen?
    We leren dat een combinatie van wetenschap, technologie en traditionele trainingsmethodes essentieel is voor het behalen van topresultaten.

    Stellingen waar Roald en Sander op reageren aan het begin van de aflevering:

    ‘Wie klein is, moet slim zijn’ is een motto dat goed bij het Nederlandse topzwemmen past.
    Nederland is een klein zwemland in vergelijking met bv. Australië of de VS. Toch doet NL het over het algemeen altijd aardig goed op de Olympische Spelen. Helpt de wetenschap/Innosportlab hier een handje bij? Wanneer is het Innosportlab opgericht en waarom? Wie maken er gebruik van? Hoe wordt het gefinancierd? Is het uniek in de wereld?

    We hebben nog altijd amper benul van wat de efficiëntste zwemtechniek is.
    Het is iets wat Roald vd Vliet altijd zegt. Zwemmen is grotendeels nog altijd een black box. Coaches denken het te weten of te kunnen zien maar die gaan meestal uit van snelle zwemmers uit het verleden. Zwemmers zelf zeggen het te voelen maar dat wordt amper gestaafd door data. Waarom zijn ‘meten=weten’ en zwemmen toch zo’n moeilijke combi? Waarom is zwemmen nog altijd zo’n conservatieve sport, veelal gebaseerd op ‘meningen’ en ‘gevoel’?

    Zonder onderwatercamera’s komt een zwemonderzoeker helemaal niets te weten.
    Efficient zwemmen is vooral gestroomlijnd zwemmen, met zo weinig mogelijk waterweerstand. Daarvoor moet je onder water meten. Met camera’s en sensoren gebeurt dat in het Innosportlab. Welke metingen worden momenteel precies uitgevoerd? Waar is het Innosportlab het meest trots op, welke opstellingen is echt uniek in de wereld?

    De schoolslag waarmee tegenwoordig gezwommen wordt, is eigenlijk geen schoolslag meer.
    De schoolslag is de afgelopen jaren enorm geëvolueerd (veel hogere slagfrequentie bv.). Maar daarmee wordt ook het grijze gebied opgezocht, denk aan het keerpunt en de beenbeweging die soms meer op een vlinderkick lijkt. De regels zijn wat betreft ook aardig ondoorzichtig. Zwemmers en coaches pleiten daarom ook voor een ‘onderwater VAR’ die meekijkt en/of aanpassing van de regels. Wat heeft de ‘revolutie’ in het schoolslagzwemmen veroorzaakt? Wat is er precies gebeurd? Hoe is ‘vals spel’ tegen te gaan?

    De Nederlandse zwembond moet meer talent gaan scouten bij het volleybal en basketball.
    De Amerikaanse zwemmer Caeleb Dressel (vlinderslag, borstcrawl) is voormalig basketballer en doet daar zijn voordeel mee qua sprongkracht. Handig bij de startduik en het keerpunt. Bij veel zwemnummers draait het niet om het ‘zwemgedeelte’ maar om de start, de vlinderkicks, het keerpunt. Wat moet een vlinder of vrijeslagspecialist allemaal beheersen om de wereldtop te halen? Hoe is een 100 meter race opgebouwd? Hoe blijven we zwemtalent vinden?

    Het hinderniszwemmen mag van mij zó weer op het Olympisch programma komen.
    Er zijn ontiegelijk veel zwemonderdelen op de Olympische Spelen. In het verleden waren dat er nog meer, onder andere het hinderniszwemmen. Waarom zijn er zoveel disciplines en kan het niet wat minder? Blijft zwemmen ‘groot’ genoeg in de toekomst, moet het niet met zijn tijd meegaan?

    Het is goed dat de wereldzwembond de zwempakken verboden heeft.
    Aan het begin van deze eeuwen kwamen de zwempakken opzetten. En werden steeds meer records aangescherpt. Soms deden zwemmers 2 pakken over elkaar aan. Zwemmen werd een materiaalsport genoemd. Op een gegeven moment besloot de wereldzwembond FINA om de pakken te verbieden. Is innovatie wel tegen te houden in het zwemmen? Wordt er nog veel onderzoek gedaan om de zwemkleding gestroomlijnder te maken? Hoe kan het dat op de meeste nummers de records inmiddels weer verbeterd zijn, zonder pak?

    De slimme zwembril met daarop een display met alle belangrijke data is écht een gamechanger.
    Er zijn de laatste jaren een aantal ‘innovatieve’ producten voor de fanatiekere zwemmer op de markt gekomen, waaronder de ‘smart’ goggles en sensoren die zwemslag ‘tracken’. Worden deze innovaties ook door de Nederlandse zwemmers gebruikt? Hoe kijken Van der Vliet en Schreven tegen deze ‘gadgets’ aan?

    Video over slimmer presteren in Parijs: over zwemmen met Roald van der Vliet en Sander Schreven

    https://www.youtube.com/watch?v=gvnmbZHVHH8

    Categorieën
    Interview met gast Masters of Movement Seizoen 9

    179. Blessures voorkomen door anders leren te bewegen volgens voetbalbondsarts Edwin Goedhart

    Home » Afleveringen

    Dit is een 179e aflevering van de Slimmer Presteren Podcast, over sport, onderzoek en innovatie. In deze aflevering hebben Gerrit en Jurgen het over:

    Blessures voorkomen door anders leren te bewegen volgens voetbalbondsarts Edwin Goedhart

    INLEIDING:

    In deze aflevering van de Slimmer Presteren Podcast duiken we diep in het thema blessurepreventie, met een focus op knieblessures, die vaak voorkomen bij jonge sporters, vooral in het voetbal. We verkennen dit onderwerp met inzichten van KNVB Bondsarts Edwin Goedhart, en delen praktische tips die jij als sporter direct kunt toepassen om blessures te voorkomen.

    We starten met een kijkje in de trends van sportblessures en waarom deze juist nu zo prominent aanwezig zijn. ASM grondlegger Rene Wormhoudt legt uit hoe de huidige sportpraktijken, zoals eenzijdige trainingen en onvoldoende coördinatieoefeningen, bijdragen aan een hoger risico op blessures. Ook het verschil in fysieke ontwikkeling tussen jongens en meisjes speelt een cruciale rol in de frequentie en ernst van knieblessures.

    Verder bespreken we hoe belangrijk het is om het plezier in sporten te behouden. Plezier verhoogt niet alleen de consistentie in je trainingen, maar draagt ook bij aan een betere mentale en fysieke gezondheid, wat indirect blessures kan helpen voorkomen.

    Aan de hand van praktijkvoorbeelden en actuele onderzoeken bieden we inzichten over hoe je trainingen kunt diversifiëren en aanpassen om je lichaam beter voor te bereiden op de fysieke eisen van je sport. Dit omvat alles van coördinatieverbetering tot krachttraining en flexibiliteitsoefeningen.

    Tot slot, leggen we de nadruk op de sociale en psychologische aspecten van sporten. Hoe de juiste mindset en een ondersteunende omgeving essentieel zijn voor zowel het voorkomen van blessures als voor algemene sportprestaties.

    Vragen die in deze aflevering worden beantwoord zijn:

    1. Wat zijn de voornaamste oorzaken van knieblessures in sport?
    Een combinatie van eenzijdige training, gebrekkige coördinatie, en de fysieke verschillen tussen geslachten, vooral tijdens de groeifase.

    2. Hoe kan ik mijn training aanpassen om blessures te voorkomen?
    Integratie van diversiteit in trainingen zoals coördinatieoefeningen, krachttraining, en flexibiliteitsoefeningen is cruciaal.

    3. Wat is het effect van plezier in sporten op blessurepreventie?
    Sporten met plezier verhoogt de consistentie en motivatie, wat leidt tot betere voorbereiding en vermindering van blessurerisico.

    4. Zijn er specifieke strategieën voor jonge sporters om blessures te voorkomen?
    Jonge sporters profiteren van gevarieerde bewegingsvormen en moeten worden aangemoedigd om verschillende sporten te beoefenen om algehele lichaamscoördinatie en kracht op te bouwen.

    Video over blessures voorkomen door anders leren te bewegen volgens voetbalbondsarts Edwin Goedhart

    https://www.youtube.com/watch?v=fqlGAoGcQj4

    Categorieën
    Hardlopen Herstel marathon Marathon Seizoen 9 Tips marathon

    178. Slimmer Presteren in Rotterdam: dé 2024 marathon nabeschouwing

    Home » Afleveringen

    Dit is een 178e aflevering van de Slimmer Presteren Podcast, over sport, onderzoek en innovatie. In deze aflevering hebben Gerrit en Jurgen het over:

    Slimmer Presteren in Rotterdam: dé 2024 marathon nabeschouwing

    INLEIDING:

    In deze aflevering van de Slimmer Presteren Podcast delen Gerrit Heijkoop en Jurgen van Teeffelen, hun ervaringen en observaties van de Rotterdam Marathon 2024.

    Jurgen, die zelf meeliep, biedt een uniek inzicht in de uitdagingen en overwinningen die hij tegenkwam tijdens de race. Als toeschouwer had Gerrit een andere blik op het evenement en hij deelt wat hij zag en hoe de sfeer was vanaf de zijlijn.

    We beginnen met Jurgen’s voorbereiding en zijn strategie tijdens de marathon, waarbij hij een mix van wetenschappelijke benadering en intuïtie volgde. De discussie gaat dieper in op het mentale en fysieke aspect van het lopen van een marathon, zoals het omgaan met kramp en het vasthouden aan je raceplan, zelfs wanneer het lichaam anders wil.

    Een belangrijk deel van de aflevering is gewijd aan de ‘community’ ervaring van de marathon. We bespreken hoe de aanmoedigingen van toeschouwers en de aanwezigheid van andere lopers bijdragen aan de marathonervaring. We delen ook feedback en verhalen van andere luisteraars die aanwezig waren, wat de diverse impact van de marathon op verschillende lopers belicht.

    De podcast biedt ook praktische tips voor toekomstige marathonlopers, waaronder het belang van een goede voorbereiding, het kiezen van de juiste uitrusting en het mentaal voorbereiden op de grote dag.

    Jurgen’s persoonlijke verhaal en Gerrit’s observaties bieden zowel inspiratie als waardevolle lessen voor zowel ervaren als beginnende marathonlopers.

    Vragen die in deze aflevering worden beantwoord zijn:

    1. Hoe bereidt een amateur zich voor op een marathon?
    Focus op een combinatie van training, voeding, en mentale voorbereiding. Belangrijk is om realistische doelen te stellen en een gedetailleerd trainingsplan te volgen.

    2. Wat zijn de meest voorkomende uitdagingen tijdens een marathon?
    Kramp, vermoeidheid en mentale barrières zijn veelvoorkomende problemen. Het omgaan met deze uitdagingen vergt zowel fysieke voorbereiding als mentale veerkracht.

    3. Hoe belangrijk is de rol van toeschouwers bij een marathon?
    Zeer belangrijk; de aanmoedigingen van toeschouwers kunnen lopers een grote morele boost geven, vooral tijdens moeilijke momenten van de race.

    4. Welke tips hebben jullie voor herstel na een marathon?
    Goede hydratatie, voeding, en rust zijn essentieel. Het is ook belangrijk om lichte activiteiten te blijven doen om stijfheid te verminderen en het herstel te bevorderen.

    Video over slimmer Presteren in Rotterdam: dé 2024 marathon nabeschouwing

    https://www.youtube.com/watch?v=9oIJqfj4Qdg

    Categorieën
    Herstel marathon Seizoen 9 Training en herstel

    177. Sneller herstellen van het sporten door een koudwaterbad: zinvol of onzin?

    Home » Afleveringen

    Dit is een 177e aflevering van de Slimmer Presteren Podcast, over sport, onderzoek en innovatie. In deze aflevering hebben Gerrit en Jurgen het over:

    Sneller herstellen van het sporten door een koudwaterbad: zinvol of onzin?

    INLEIDING:

    In deze aflevering duiken we de koude wereld van ijsbaden in. Is het een zinvolle herstelmethode of slechts een trend zonder wetenschappelijke basis? We bespreken hoe Femke Bol, door haar routine met ijsbaden, goud claimde tijdens de WK indoor van 2024. Dit heeft ons ertoe aangezet om de effecten van koudwaterbaden op spierherstel en prestaties uit te diepen.

    We beginnen met de wetenschap achter koude therapie: het vertraagt de stofwisseling en ontstekingsreacties in spieren, wat kan bijdragen aan minder pijn en sneller herstel. Echter, uit ons onderzoek blijkt dat hoewel subjectieve gevoelens van herstel verbeteren, objectieve metingen zoals spierschade en functie niet significant verschillen van andere herstelmethoden.

    Een belangrijk nadeel van ijsbaden is de potentiële vertraging in het adaptatieproces van spieren, essentieel voor langdurige prestatieverbetering. Dit roept de vraag op of de mentale boost die sommige atleten ervaren, opweegt tegen de mogelijke nadelen voor fysieke adaptatie.

    Ondanks het gebrek aan sterk bewijs voor hun effectiviteit, blijft de populariteit van ijsbaden onverminderd. Dit suggereert dat de rituele en mentale aspecten van koude therapie waarde hebben voor veel sporters.

    Vragen die in deze aflevering worden beantwoord zijn:

    1. Wat doet een ijsbad met je lichaam?
    Een ijsbad vertraagt de stofwisseling en ontstekingsreacties in de spieren, wat kan leiden tot een verminderd pijngevoel en een subjectief sneller herstel.

    2. Zijn ijsbaden effectief voor herstel?
    Subjectief voelen atleten zich beter na een ijsbad, maar objectief zijn er geen significante verschillen in spierschade of functie in vergelijking met andere herstelmethoden.

    3. Kunnen ijsbaden het adaptatieproces belemmeren?
    Ja, ijsbaden kunnen het proces van spieradaptatie en -opbouw vertragen, wat op de lange termijn nadelig kan zijn voor prestatieverbetering.

    4. Waarom gebruiken topatleten zoals Femke Bol dan ijsbaden?
    Veel topatleten gebruiken ijsbaden voor het onmiddellijke gevoel van herstel en de mentale boost, hoewel dit niet per se betekent dat ze fysiek sneller herstellen.

    Video over sneller herstellen van het sporten door een koudwaterbad: zinvol of onzin?

    https://www.youtube.com/watch?v=Ngu414t5zDw

    Categorieën
    hardloopschoenen Seizoen 9

    Bonus – Review van de Brooks Glycerin 21 hardloopschoenen

    Home » Afleveringen

    Dit is een bonus aflevering van de Slimmer Presteren Podcast, over sport, onderzoek en innovatie. In deze aflevering hebben Gerrit en Jurgen het over:

    Review van de Brooks Glycerin 21 hardloopschoenen op basis van onze eigen loopverhalen

    INLEIDING:

    In deze bonusaflevering duiken we opnieuw in de wereld van hardloopschoenen, ditmaal met een frisse blik op de Brooks Glycerin 21.

    We erkennen dat onze expertise niet ligt in het technisch ontleden van schoenen, maar eerder in het delen van persoonlijke loopervaringen en het toepassen van algemene sportkennis.

    Daarom richten we ons dit keer op de verhalen achter onze hardloopsessies met de Brooks Glycerin 21, ondersteund door feiten en vergelijkingen met eerdere modellen zoals de Brooks Ghost Max.

    En in het kader van volledige transparantie: wij hebben deze schoenen gratis gekregen van Brooks met als doel om deze content te maken.

    Vragen die in deze aflevering worden beantwoord zijn:

    1. Wat maakt de Brooks Glycerin21 speciaal?
    De schoen belooft ultiem comfort en lichtheid, met een focus op ‘distraction free’ lopen. Hij is uitgerust met de DNA LOFT v3 zool, verrijkt met stikstof, voor een stabiele en veerkrachtige loopervaring.

    2. Hoe verhoudt de Brooks Glycerin 21 zich tot de Brooks Ghost Max die we eerder bespraken?
    De Glycerin 21 is zo’n 40 gram lichter dan de Brooks Ghost Max, wat bijdraagt aan het gevoel van lichtheid en snelheid tijdens het lopen.

    3. Zijn de Brooks Glycerin 21 de beste schoenen voor een marathon?
    Volgens Brooks is de Glycerin 21 een prima keuze voor wedstrijden, inclusief marathons, door de combinatie van comfort en prestatie. Jurgen kiest ervoor om zijn Marathon van Rotterdam er op te gaan lopen.

    4. Wat was de meest memorabele loopervaring van Gerrit met de Brooks Glycerin 21?
    Een uitdagende trailrun in het Teutoburger Wald in Duitsland, waarbij alle weertypen de revue passeerden en de schoenen een betrouwbare ondersteuning boden op zowel de klimmen als afdalingen.

    Video over review van de Brooks Glycerin 21 hardloopschoenen op basis van onze eigen loopverhalen

    https://www.youtube.com/watch?v=yzqdkc6qadg

    Categorieën
    Innovaties Interview met gast Seizoen 9 Wielrennen

    176. Slimmer presteren in Parijs: over baanwielrennen met Gert Galis

    Home » Afleveringen

    Dit is een 176e aflevering van de Slimmer Presteren Podcast, over sport, onderzoek en innovatie. In deze aflevering hebben Gerrit en Jurgen het over:

    Slimmer presteren in Parijs: over baanwielrennen met Gert Galis

    INLEIDING:

    De Olympische Spelen in Parijs naderen, op wie moeten we allemaal gaan letten? De Nederlandse baanwielrenners staan er in ieder geval goed voor. Wat kunnen we leren van hun aanpak? Welke rol spelen wetenschap en innovatie hierbij?

    We vragen het aan onze Special Guest en ‘embedded scientist’ bij de KNWU, Gert Galis.

    In deze aflevering duiken we diep in de wereld van baanwielrennen met Gert Galis, embedded scientist bij de KNWU. We onthullen hoe wetenschap en innovatie de Nederlandse baanwielrenners naar de top van de wereld hebben gedreven, vooral met het oog op de Olympische Spelen in Parijs.

    Gert deelt inzichten over de cruciale rol van data-analyse, aerodynamica, en materiaalontwikkeling in het optimaliseren van prestaties.

    We bespreken de verschillende baanwielrendisciplines en hoe renners zich voorbereiden op de unieke uitdagingen van elk onderdeel.

    Luister naar deze aflevering voor een kijkje achter de schermen bij de wetenschap die onze atleten sneller maakt en ontdek wat jij als amateursporter hieruit kunt leren.

    Vragen die in deze aflevering worden beantwoord zijn:

    1. Wat maakt baanwielrennen uniek vergeleken met andere wielersporten?
    Baanwielrennen is tactisch en dynamisch, met disciplines die variëren van sprint tot duuronderdelen, allen gekenmerkt door hoge snelheden en strategisch spel zonder het gebruik van remmen.

    2. Hoe dragen wetenschap en innovatie bij aan de successen in baanwielrennen?
    Door nauwgezette data-analyse, aerodynamische optimalisaties, en materiaalinnovaties kunnen renners hun prestaties verbeteren. Specifieke aanpassingen aan bijvoorbeeld het materiaal kunnen significant bijdragen aan snelheid en efficiëntie.

    3. Hoe bereiden renners zich voor op de verschillende disciplines binnen het baanwielrennen?
    Naast fysieke training focussen renners zich op techniek en tactiek, specifiek afgestemd op elke discipline. De keuze van materiaal en afstelling speelt hierbij een cruciale rol.

    4. Wat kan een amateursporter leren van de aanpak in het baanwielrennen?
    Het belang van gerichte training, het analyseren van je prestaties door data, en het belang van materiaalkeuze en afstelling kunnen amateurs helpen hun eigen prestaties te verbeteren.

    Video over slimmer presteren in Parijs: over baanwielrennen met Gert Galis

    https://www.youtube.com/watch?v=FJFx0NnX5es